Taalmodel: nadien, daarna

FOUT De negen projecten worden voor drie jaar gefinancierd. Nadien wordt bekeken of die financiering verlengd wordt.
GOED De negen projecten worden voor drie jaar gefinancierd. Daarna wordt bekeken of die financiering verlengd wordt.

VERKLARING
“Nadien” is formele schrijftaal. In algemeen Nederlands kan het ook alleen met betrekking tot het verleden gebruikt worden.
Meer uitleg

Shitajiki

dn12Bij Deathe Note 12 werd een shitajiki cadeau gedaan.
Ik vond het volgende artikel over shitajiki’s.
Shitajiki is Japans en het betekent letterlijk “onderblad” of “onder de hand”. Het is dus een soort onderlegger, maar het is vooral bedoeld als schrijblad.

Een shitajiki kan uit verschillende soorten materiaal bestaan en wordt onder een blad papier gelegd als je er op wilt schrijven.

Het dient vooral om meer steun voor het schrijfmateriaal te geven, maar ook om te verhinderen dat er merktekens achterblijven op het blad eronder.

Shitajiki’s voor handschrift zijn meestal 1 mm tot 2 mm dik, waardoor ze wel flexibel zijn, maar toch ook duurzaam en niet te slap. Gewoonlijk is het formaat B5. Ook A4 en A5 komen vaak voor, en er zijn ook andere formaten mogelijk. De formaten zijn afhankelijk van de behoeften.

Voor kalligrafie worden shitajiki’s gewoonlijk gemaakt van donkerblauw of zwart vilt.

Shitajiki’s worden vaak recto-verso versierd met afbeeldingen. Die kunnen op allerlei thema’s zijn gebaseerd: toeristische trekpleisters, film- en rocksterren, en natuurlijk ook anime- en mangafiguren. De afbeeldingen zijn doorgaans van hoge kwaliteit, en door de duurzaamheid van de shitajiki gaan ze lang mee.

De meeste shitajiki-ontwerpen worden maar één keer gedrukt, waardoor ze verzamelobjecten worden. Shitajiki’s verzamelen is een veel voorkomende hobby. Als verzamelobject worden ze ook vaak gebruikt als versiering.

Afbeelding gepubliceerd met toestemming en copyrighted DEATH NOTE (c) 2003 by Tsugumi Ohba, Takeshi Obata/ Shueisha Inc.

Taalmodel: miljard en biljoen

FOUT In “The Bucket List” worden twee mannen geconfronteerd met kanker: de ene is Edward, een biljonair, de andere is Carter, een monteur.
GOED In “The Bucket List” worden twee mannen geconfronteerd met kanker: de ene is Edward, een miljardair, de andere is Carter, een monteur.

VERKLARING
Amerikanen rekenen anders dan Nederlandstaligen: een miljard noemen zij een billion. Een billionaire is dus een miljardair.

Taalmodel: ziekenfonds

FOUT Alle kantoren van de socialistische mutualiteit De Voorzorg in Antwerpen zijn morgen gesloten wegens een staking.
GOED Alle kantoren van het socialistische ziekenfonds De Voorzorg in Antwerpen zijn morgen gesloten wegens een staking.

VERKLARING
“Mutualiteit” is geen standaardtaal voor “ziekenfonds”. In een eigennaam zoals “Christelijke Mutualiteiten” kan het wel voorkomen, al is dat geen correct taalgebruik. Wie die naam heeft bedacht, heeft een taalfout gemaakt, en daar moet die instelling desnoods zelf iets aan veranderen.
Meer uitleg

Taalmodel: om + te-infinitief

FOUT Er was veel volk op de Grote Markt. Dat was aardig om zien, vond ook de burgemeester.
GOED Er was veel volk op de Grote Markt. Dat was aardig om te zien, vond ook de burgemeester.

VERKLARING
“Om” wordt altijd met “te” gecombineerd als er een infinitief volgt: “leuk om te horen”, “goed om te weten”, “aardig om te zien”.
Meer uitleg

Death Note 12 met shitajiki

dn12Death Note 12 ligt in de winkel.

Omdat het de laatste aflevering van de reeks is, werd er gratis een Japanse shitajiki bijgedaan.
Los is hij niet verkrijgbaar. Hij mag zelfs niet los worden verkocht.
Shitajiki’s zijn een typisch Japans verschijnsel.
Een shitajiki wordt in Japan gebruikt om onder een blad papier te leggen om meer steun te geven bij het schrijven, en om te verhinderen dat je merktekens nalaat op de onderliggende bladen.
Shitajiki’s worden versierd met afbeeldingen van toeristische trekpleisters, popsterren, manga’s, …
Vaak worden shitajiki’s in een beperkte oplage gedrukt, waardoor het echte collector’s items worden.
Mogelijk gebruik van shitajiki’s: als bladwijzer, als muismatje, voor decoratie… Dus alle omstandigheden waarin je een stevige onderlegger nodig hebt, of om iets te versieren. Het is dus wel iets meer dan een hebbeding.
Shitajiki’s bestaan in diverse afmetingen. Meestal zijn ze op B5 gemaakt, maar ook A4 en A5 komen veel voor. De oppervlakte van de shitajiki meegeleverd met Death Note 12 is iets kleiner dan die van een Kana-manga, waardoor het perfect als bladwijzer in een manga past. Omdat manga’s doorgaans nogal dik zijn, is zo’n passende bladwijzer dus wel nuttig.
Sommigen leggen zo’n shitajiki op z’n kant om in hun bibliotheekrekken verschillende boekenseries of tijdschriftenreeksen van elkaar af te scheiden, of bijvoorbeeld om de alfabetische indeling van hun bibliotheek direct te zien.

Bleach

bleach01Sinds kort verzorgen we bij Vertaalbureau Motte de taalkundige afwerking van manga-reeksen.
Het nieuwste op dat gebied is Bleach: een serie over een tiener die geesten kan zien, en door omstandigheden gedwongen wordt om kwade geesten te helpen opruimen.
Het is eens wat anders dan technische teksten en zakelijke documenten.
De manga’s hadden ons trouwens wel verrast: de verhalen gaan vlot vooruit, maar dagen ook gevorderde lezers uit.
Bleach is een relatief jonge reeks, waarvan nog maar vier delen zijn verschenen.

Afbeelding gepubliceerd met toestemming en copyrighted BLEACH © 2001 BY TITE KUBO / SHUEISHA INC.

Recensie: Het laatste fresco, door Gust van Brussel

Recensie: Het laatste fresco, door Gust van Brussel

Het laatste fresco, door Gust van Brussel

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Met “Het laatste fresco” heeft Gust van Brussel een van de beste boeken geschreven die ik de laatste maanden heb gelezen.

Natuurlijk klinkt zo’n uitspraak niet overtuigend als ze niet in een nationale krant wordt gepubliceerd of in een belangrijk literair tijdschrift, maar laten we wel wezen: het boek heeft veel kwaliteiten.

Dik is het niet: 130 pagina’s. Volgens sommigen is het dus meer een vette novelle dan een roman. Maar de betekenis van dat soort termen varieert nogal.

“Het laatste fresco” vertelt het verhaal van een man die na de dood van zijn vrouw door Italië zwerft, van hotel naar hotel, en onderweg vreemde personages ontmoet. Zijn dagen verlopen anders dan hij had verwacht.

Het boek is ingedeeld in zeven hoofdstukken, en elk hoofdstuk krijgt als titel de naam van een van de personages uit de Commedia dell’arte. Commedia dell’arte was een populaire vorm van volks improvisatietoneel. De acteurs bouwden gevarieerd toneel op, dat gedeeltelijk bestond uit geïmproviseerde invallen, en gedeeltelijk uit flarden tekst die ze uit het hoofd kenden. De toneelgroep moest goed op elkaar zijn ingspeeld, want de improvisaties veroorzaakten onverwachte reacties van de acteurs, waarop de andere acteurs gepast moesten kunnen reageren. De commedia dell’arte is verdwenen toen men vaste teksten begon te gebruiken, waardoor de levendigheid verloren ging.

De improvisatie was gedeeltelijk mogelijk doordat de personages categorieën mensen verbeeldden, zoals de geliefde, de minnaar, de politieagent, de dokter, enzovoort. Het zijn geen clichés, zoals in hedendaagse detectives nogal eens een politieagent optreedt die buiten de lijntjes kleurt en die kan rekenen op zijn trouwe adjudant op de gemoedelijke omgang met een of andere louche figuur. Nee, “il capitano” uit de commedia dell’arte vertegenwoordigt gewoon de gezagsdrager, zoals die in elke maatschappij voorkomt.

Gust van Brussel heeft zijn roman opgebouwd rond die toneelpersonages. Of, liever gezegd, de merkwaardige figuren die zijn hoofdpersonage onderweg ontmoet, worden behandeld in een hoofdstuk waarvan de titel de naam van een van die toneelpersonages draagt.

In “Il dottore” ontmoet hij een merkwaardige kerel die geldt probeert los te krijgen voor zijn uitvindingen. Om hem te ontlopen verlaat het hoofdpersonage zijn hotel, en begint hij Italië rond te trekken. De hele reis lang blijven de herinneringen aan de vreemde snoeshaan hem door het hoofd spoken, aangetrokken als hij wordt door het gevoel dat er meer inzicht in zijn krankzinnigheid zat, dan hij aanvankelijk had vermoed.

Alle hoofdstuktitels zijn in het enkelvoud, maar dat betekent niet dat er maar één persoange in zo’n hoofdstuk kan worden beschouwd als een voorbeeld van de categorie. In “Il capitano” zijn er minstens twee: Boris en een Porsche-chauffeur. Beiden treden op als mensen die meester zijn over hun omgeving, en tot op zekere hoogte over de hoofdpersoon – of waarvan de hoofdpersoon vermoedt dat ze meester zijn over hem. Zo is hij nooit zeker of Boris en zijn vrouw samen overspel hebben gepleegd.Een van de charmes van het boek is dan ook om in elk hoofdstuk te zoeken naar de personages die in de titelcategorie kunnen worden ingedeeld. Het is een manier om het verhaalverloop in te delen in hoofdstukken, maar ook een manier om verschillende aspecten van een categorie mensen tegenover elkaar af te wegen.

Maar bovenstaande is tot op zekere hoogte ingewikkeld gezever, want het boek leest niet als een moeilijk door te snijden klomp stopverf. Het gaat integendeel erg vlot. Alhoewel de gebeurtenissen weinig spectaculair zijn, houdt Gust van Brussel er de spanning in. De Porsche-chauffeur lijkt een maffia-type te zijn, maar er worden geen revolvers bovengehaald, en er zijn geen vechtpartijen. Het hoofdpersonage merkt alleen maar dat er iets aan de hand is, maar zelf wordt hij vriendelijk en voorkomend behandeld.

Zo wandelen we samen met de hoofdfiguur rond in Italië, en beleven we de manier waarop hij in het reine probeert te komen met zichzelf, de dood van zijn vrouw, en zijn herinneringen.

Het boek is zowel op papier verkrijgbaar, als elektronisch. Elektronisch kan het hier worden gekocht voor 5 euro.

“Het laatste fresco”, Gust van Brussel, 2009, Turnhout, De Graal vzw, geïllustreerd, 132 p’s, 22 x 13,3 x 0,9 cm, ISBN 978-90-504-5000-3

Prijs: als e-book 5 euro