Taalmodel: een kopje in een tas

FOUT Hij stootte zijn tas om en zag gegeneerd hoe de koffie recht in haar aktetas liep.

GOED Hij stootte zijn kop om en zag gegeneerd hoe de koffie recht in haar aktetas liep.

VERKLARING
Het is een van de hardnekkigste taalfouten, maar mensen die ze maken beseffen vaak niet hoe erg ze opvalt, en hoe slordig ze overkomt.
Koffie drink je uit een kop die op een schoteltje staat.
Tas en ondertas zijn letterlijk vertaald Frans en geen algemeen Nederlands.

Wie ziek is, of ziek geweest is, weet dat een zieke slordiger is dan iemand die gezond is. Slordigheden geven daardoor gemakkelijk een indruk van zwakte.

Taalmodel: door (een) onbekende oorzaak

FOUT Het vuur ontstond om een nog onbekende reden in de slaapkamer van de ouders op de eerste verdieping.
GOED Het vuur ontstond door (een) nog onbekende oorzaak in de slaapkamer van de ouders op de eerste verdieping.

VERKLARING
Met een reden motiveert iemand waarom hij iets zegt of doet. De oorzaak verwijst naar de omstandigheden die ergens toe leiden.
Het lidwoord “een” wordt een meestal weggelaten.

Taalmodel: automonteur

FOUT De automecanicien was stapelgek op snelle bolides, maar reed meestal met opgelapte ouwe karren.

GOED De automonteur was stapelgek op snelle bolides, maar reed meestal met opgelapte ouwe karren.

VERKLARING
De vakman die aan je auto werkt is een automonteur en geen mecanicien.

Bron: ABN-gids, P.C. Paardekooper, Den Haag, Sdu, Standaard, 1996

Recensie “Modderland” door Paul Stewart en Chris Riddell

Modderland-trilogie, door Paul Stewart en Chris Riddell

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

De grappige Modderland-trilogie behoort tot de categorie jeugdverhalen waar ook volwassenen zich mee amuseren. Bart belandt per ongeluk in een wereld waar magie bestaat. Spijtig genoeg zijn alle goede tovenaars verdwenen. Waarheen?

Niemand weet het, en er wordt naarstig – nou ja – gezocht. Bart wordt opgevangen door de meest klungelende tovenaar van de hele bende: Randalf de Wijze. De enige die niet verdween. Waarschijnlijk omdat hij niet genoeg tovenaar is voor de rol van verdwenen tovenaar. En hij is platzak, waardoor Bart het ook niet gemakkelijker krijgt. Onze held verlangt dan ook heftig naar huis, maar wordt op zijn tocht door de tovenaarswereld gelukkig vergezeld door zijn hond, Hendrik. En door de wat eigenwijze maar heus niet domme parkiet Veronica. Al bij al een gevarieerd gezelschap dat nét is opgewassen tegen de taken die Randalf aanneemt om wat geld te verdienen – al of niet ten dienste van de Gehoorde Baron, die van alles probeert om het zijn vrouw naar de zin te maken.

De zwart-wit-illustraties zijn met fijne pennentrekken neergezet, levendig, verzorgd, duidelijk en fantasievol. Modderland is meer dan een parodie op Middle-Earth. Die referentie plaatst het boek in het genre van de fantasy-epen, en je zou kunnen zeggen dat het scenario in hele grote lijnen op dat van “In de Ban van de Ring” lijkt. De titel van het derde deel, “Krijger zonder vrees”, verwijst naar “Jan zonder vrees” en maakt duidelijk dat Paul Stewart uit meer bronnen put dan alleen Tolkien.

Vertaalster Erica Feberwee slaagde erin om de hele Modderland-trilogie de frisheid, originaliteit en humor te geven van het origineel, Muddle-Earth, een knipoogje naar Middle-Earth, het gebied waarin Tolkiens “In de ban van de ring” zich afspeelt. Humor is erg moeilijk te vertalen, zeker in een boekje dat in hoge mate steunt op een ironisch gebruik van bekende elementen, en dat tegelijk originele motieven inlast.

Overigens is de Modderland-trilogie niet de enige interessante parodie op een bekend fantasywerk. En ouder voorbeeld is “Tanja Grotter de magische contrabas”*. Het merkwaardige van dat boek is dat het min of meer het tegengestelde doet van de Moddertrilogie. Tolkien zelf heeft gezegd dat “In de Ban van de Ring” voor volwassenen is (en dat het over de dood gaat), terwijl de odderland-trilogie een jeugdboek is. “Tanja Grotter” daarentegen is voor volwassenen, terwijl het voorbeeld, “Harry Potter”, voor kinderen vanaf 10 jaar is. Overigens werd “Tanja Grotter en de magische contrabas” door de uitgever van de Nederlandstalige “Harry Potter” beschuldigd van plagiaat, en heeft men zich niet durven verzetten tegen de veroordeling in kort geding. Dat betekent dat met “Tanja Grotter” niet gebeurde wat bijvoorbeeld wel gebeurde voor “De Da Vinci Code”, namelijk dat de rechter de betrokken boeken volledig las. Was de zaak ten gronde behandeld, dan had men “Tanja Grotter” niet veroordeeld. Parodieën moeten immers mogen.

Ondergetekende zat na de eerste twee delen ongeduldig op het derde deel te wachten, waarin eindelijk duidelijk wordt wat er met de verdwenen tovenaars is gebeurd, of Bart terug thuis geraakt, en wat al die theelepels in het boek doen, want er is “één theelepel om allen te regeren, één theelepel om hen te vinden, één theelepel die hen naar het Giegelveld zal brengen en hen zal binden”.

Het is een jeugdroman, geschikt vanaf 10 jaar, maar door de verwijzingen naar andere fantasyliteratuur, boeit hij ook volwassenen. Ondergetekende zat na het eerste deel dan ook ongeduldig op de volgende te wachten. Overigens beperkt het volwassenenamusement zich niet tot verwijzingen naar fantasyliteratuur, zoals blijkt als de Gehoorde Baron een oude liefde ontmmoet. Grappig is ook hoe het gedrag van de personages afwijkt van de fantasy-clichés.De trilogie verscheen eerder in drie delen: “Engelbert de Enorme”, “Pas op, draken!” en “Krijger zonder Vrees”. Nu zijn ze gebundeld in één kloeke paperback van 470 p’s, verkrijgbaar voor een zachte prijs van nog geen 15 euro. Uren leesplezier.

De lezer krijgt er nog de fijne tekeningen van Chris Riddell bij cadeau. Zij tollen speels over de bladzijden en passen uitstekend bij de humor en fantasie van Stewart. Riddell slaagt er zelfs in boven elk hoofdstuk een ander figuurtje te tekenen dat een bord vasthoudt waarop het hoofdstuknummer staat.

* “Tanja Grotter en de magische contrabas” door Dmtri Jemets, 2003, Brussel, Roularta Books, genummerde en gelimiteerde editie, vertaling Loes Visser, paperback, 23 x 15,5 x 2 cm, 253 p’s, ISBN 90-5466-504-1.
Prijs: oorspronkelijk 20 euro, maar doordat de veroordeling in kort geding herdrukken verhinderde, zou de zeldzaamheid van het boek de prijs al hebben doen stijgen.

Modderland-trilogie, Paul Stewart en Chris Riddell, 2007, Baarn, Uitgeverij De Fontein, geïllustreerd, oorspronkelijk: “Muddle-Earth”, vertaling: Erica Feberwee, 20 x 12,5 x 3 cm, 162 o’s, ISBN 978-90-261-2097-8.
Prijs:14,95 euro

Recensie “Donjon: De tranen van de reus” door Menu, Sfar en Trondheim

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

De gegevens over de reeks en nevenreeksen van Donjon zijn een beetje verwarrend. Achterin “De tranen van de reus” wordt Mazan vermeld als de tekenaar van de nevenreeks “Donjon Monsters”, maar zijn of haar naam wordt verder nergens in het album vermeld.
Die toewijzing is waarschijnlijk wat voorbarig. Jean-Christophe Menu daarentegen wordt wel vermeld. Vermoedelijk is hij dus de tekenaar van de tweede aflevering van de Monsters-subreeks, en beperkten Sfar en Trondheim zich tot supervisie en scenario.
Scenario is er wel. De achterflap vermeldt: “Het is – en dat blijkt ook in de praktijk – een levensgevaarlijke opdracht, ondanks de morele bijstand die Alcibiades van Jomanda krijgt. Hoe dat zal aflopen? Eerlijk gezegd doet dat er niet zo toe. Belangrijker is wat zich tussen het begin en het eind van dit verhaal afspeelt.”
Een flaptekstschrijver is een copywriter, een reclametekstschrijver, die man of vrouw die er voor moet zorgen dat je je geld aan een of ander product besteedt, dat je misschien helemaal niet nodig hebt. Zoals Frederik Pohl al zei: “We’re after your pocket-money.”
Maar dat betekent niet dat ze altijd liegen, of alleen maar sterke verhalen vertellen. Deze flaptekstschrijver heeft namelijk wel gelijk.
De albums van de Donjon-reeks blijven boeiend door wat er zich tussen begin en eind afspeelt. De scenaristen trappen niet in de val om per se grootscheepse scenario’s te willen opstellen, waarin eenzame herdersjongens het tot veelbelovende krijgen schoppen en tenslotte hun volk verlossen van de bedreiging van dolende ridders/boze magiërs/kwade krachten/universele vergissingen of de waarde van pi.
Integendeel. Ze gieten het verhaal vol fantasievolle verzinsels, personages, gebeurtenissen en grappen. Ze vermijden de val hun personages te sympathiek te willen maken.
Toegegeven: hun universum wordt er soms bepaald absurd door. Absurd in alle betekenissen van het woord. Niet alleen in de betekenis van: opgeblazen egels (opgeblazen egels vliegen al evenmin als opgeblazen kikkers), of omdat een heel stel mafketels de onmogelijke opdrachten van de koningin willen uitvoeren, of omdat de tranen van de reus de streek lijken te bevloeien, terwijl dat niet waar is.
Maar ook absurd door de ironie van het lot: de ultieme daad van de reus, de onbedoeld hardvochtige houding van Jomanda, de verhouding van Marvin met Sonia.
De weigering van de scenaristen om conventionele patronen te bevestigen is precies wat Donjon in het algemeen en “De tranen van de reus” in het bijzonder boven de middelmaat uittilt. Het is wel een uur of zo amusement, en het is onderhoudend en boeiend en grappig, maar het is niet naïef of dom of bekrompen.

“Donjon, Monsters, 2, De tranen van de reus”, Jean-Christophe Menu, Joan Sfar, Lewis Trondheim, 2007, Amsterdam, Uitgeverij Luitingh-Sijthoff, oorspronkelijk “Donjon Monstres 2, Le géant qui pleure”, vertaling: Frits van der Heide, gebonden, 22,4 x 20,8 x 0,7 cm, 48 p’s, ISBN 90-245-5438-6

prijs: 9,90 euro

Taalmodel: niet (in) het minst

FOUT Het was een WK met veel dramatiek, niet in het minst voor onze landgenoten.
GOED Het was een WK met veel dramatiek, niet het minst voor onzelandgenoten.

VERKLARING
“Niet in het minst” en “niet het minst” is een gevaarlijk duo, en kan dus misschien beter worden vermeden.
“Niet in het minst” betekent “helemaal niet”.
“Niet het minst” betekent “vooral”.

Taalmodel: lenen, ontlenen, geld opnemen

FOUT Test-Aankoop is geen voorstander van hypothecaire leningen met een looptijd van 40 jaar, wegens de gevolgen voor wie ontleent.
GOED Test-Aankoop is geen voorstander van hypothecaire leningen met een looptijd van 40 jaar, wegens de gevolgen voor wie het geld opneemt.

VERKLARING
Ontlenen aan (‘overnemen’, ‘te danken hebben aan’) is wel goed in de volgende context: woorden aan het Engels ontlenen, ergens zijn naam aan ontlenen.

Taalmodel: beklaagde

FOUT Een voor een kwamen ze de rechtszaal binnen, en tussen twee agenten in werd de betichte voorgeleid.

GOED Een voor een kwamen ze de rechtszaal binnen, en tussen twee agenten in werd de beklaagde voorgeleid.

VERKLARING
De “beklaagde” of “verdachte”.
Het werkwoord “betichten” bestaat, maar niet het substantief “betichte”.

Bron: ABN-gids, door P.C. Paardekooper, Den Haag, Sdu, Standaard, 1996

Recensie “Het oude Egypte in woord en beeld”, door Toby Wilkinson

Recensie: Het oude Egypte in woord en beeld, door Toby Wilkinson

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Voor mijn gevoel valt de wereldgeschiedenis uiteen in twee delen: alles van Egypte, en alles daarna. Het Oud-Egyptische rijk begint in de mist der tijden rond 3000 voor Christus, met nog zelfs daarvoor farao’s met misschien farao Ka en misschien farao Schorpioen. De zekerheden beginnen pas vanaf ongeveer 2950 voor onze jaartelling, met farao Narmer, de 1e heerser van de 1e dynastie. Andere bronnen kunnen andere data vermelden, wat deze bron, Het oude Egypte in woord en beeld, door Toby Wilkinson, ook erkent.

De laatste dynastie eindigde met de mysterieuze dood van Cleopatra VII en Antonius in 30 voor Christus, waarna het gebied definitief bij het Romeinse rijk werd ingelijfd*. Maar terwijl het Oude Egypte zowat 3000 jaar onafhankelijk was geweest, en in die periode enorme culturele monumenten verwezenlijkte die ook nu nog tot de verbeelding spreken en zelfs zo veel mummies produceerde dat ze eeuwen later werden gebruikt als brandstof voor stoomtreinen, hield de jonge parvenu het nog geen duizend jaar uit. En de rijken die volgden deden het niet veel beter.

Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de geschiedenis van het Imperium van de Nijl een onoverzichtelijke schat aan gegevens opleverde: farao’s, bouwwerken, geschriften, gebruiksvoorwerpen, historische gebeurtenissen… Ondanks het lange bestaan was het rijk verbluffend stabiel. Religieuze veranderingen kwamen voor, maar in geringe mate. Het isolement van Egypte beschutte het eeuwenlang tegen invallers en invloeden. Zelfs tot in de tijd van Cleopatra VII kon het slechts langs smalle corridors worden aangevallen.

Het was trouwens niet door haar schoonheid dat Cleopatra indruk maakte op de Romeinse toppolitici, maar door haar intelligentie: ze sprak ongeveer 6 talen, waardoor ze met heel veel heersers zonder tussenkomst van tolken kon onderhandelen. Dat was in die tijd erg uitzonderlijk. Ze oogde wat plomp, maar haar geest was kwiek genoeg om te weten hoe ze indruk moest maken op de Romeinen.**

Wie al eens een programma over het Eeuwenoude Zandrijk volgt, er een van de talrijke boeken van Christian Jacq over leest, of een van de vele stripverhalen, kan best een woordenboek over de periode gebruiken, en dat is wat dit “Het oude Egypte in woord en beeld” is. Het is een alfabetische behandeling van de belangrijkste begrippen uit de egyptologie, voorzien van dwarsdoorsnedetekeningen van de belangrijkste gebouwen en kaarten van de archeologische sites. De lemma zijn geïllustreerd met z/w- en kleurenfoto’s van beelden, gebouwen, en reproducties van schilderijen en tekeningen.

De hiërogliefen worden nogal kort behandeld. Daarvoor geef ik de voorkeur aan “Writing Systems” van Florian Coulmas***. Niettemin is dit “Het oude Egypte in woord en beeld” een handige verzameling basisbegrippen geworden. We betreuren wel dat zelfs de literatuurlijst geen aandacht besteedt aan de Franse werken. Frankrijk heeft sinds Napoleon een enorme traditie op het gebied van egyptologie opgebouwd. Was het niet een Fransman, Champollion, die uiteindelijk de hiëroglyfen ontcijferde?

* en **: zie “Cleopatra. Politiek en propaganda in de Oudheid”, door prof. dr. H. Volkmann, 1969, Antwerpen/Brussel/Gent/Leuven, Uitgeversmaatschappij W. De Haan N.V. – N. V. Standaard Boekhandel

***: “The Blackwell Encyclopedia of Writing Systems”, door Florian Coulmas, 1999, 1996, Oxford, Blackwell Publishers Ltd., 108 Cowley Road, Oxford OX4 1JF, VK

Het oude Egypte in woord en beeld, door Toby Wilkinson, 2006, Tirion, geïllustreerd in kleur met kaarten, lijst met literatuursuggesties, gebonden met fotocollega op platten, collage herhaald op de omslag met flappen, oorspronkelijk: “The Thames & Hudson Dictionary of Ancient Egypte”. 26,3 x 19 x 2,5 cm, 271 p’s, ISBN 90-4390-909-9.

Prijs: 39,95 euro