Eindelijk: de echte eerste foto van JWST

Denk eraan: dit is infrarood. Het voordeel van infraroodopnamen is dat je veel verder kunt zien, omdat elektromagnetische straling van melkwegstelsels op grote afstand in de richting van rood opschuift.

Je ziet dus niet alleen verder in de ruimte, maar ook verder in het verleden.

De James Webb Space Telescope heeft twee belangrijke doelen.

Ten eerste verre exoplanten zien en uitzoeken of ze bewoonbaar zijn.

Ten tweede de eerste sterren van het universum zien, maar dan 13,5 miljard jaar geleden.

De eerste foto hierboven toont een cluster melkwegstelsels bekend als SMACS 0723 in het sterrenbeeld Volans zichtbaar vanaf het zuidelijk halfrond.

De cluster zelfs is niet bijzonder ver weg, namelijk 4,6 miljard lichtaar. Maar de grote massa van deze cluster verbuigt en vergroot daardoor het licht afkomstig van objecten die nog veel verder weg zijn. Dat is het gravitationele efect.

Daardoor vertoont deze foto rode bogen, die een vervormde weergave zijn van melkwegstelsels die nauwelijks 600 miljoen na de Oerknal ontstonden. De leeftijd van het heelal wordt momenteel op ongeveer 13,8 miljard jaar geschat.

Bovendien kunnen de astronomen uit de kwaliteit van de gegevens van Webb afleiden dat de telescoop ruimte ziet ver voorbij het verste voorwerp op die foto.

De foto kijkt zowat 13,5 miljard lichtjaar ver en dus ook zowat 13,5 miljard jaar terug in de tijd.

Voor dit soort resultaten zou de Hubble Space Telescope wekenlang moeten waarnemen, maar Webb deed het in slechts 12,5 uur.

Vandaag, dinsdag 12 juli 2022, volgen nog meer beelden.

Het is nu wachten op de resultaten van het onderzoek dat de astronomen met die waarnemingen kunnen uitvoeren.

Ter verduidelijking: elk object met zes punten is een ster. De rest zijn melkwegstelsels.

InSight op Mars

skynews-mars-insight_4371284

Al in augustus 2016 konden we melden dat we “ingescheept” waren voor Mars.

In het kader van hun educatieve opdracht heeft NASA een variant bedacht op de Frequent Flyer Miles van luchtvaartmaatschappijen: je kunt Frequent Flyer worden van NASA-vluchten.

Wie zich voor een vlucht inschrijft, krijgt een fraai vliegticket, verzamelt Frequent Flyer Miles, en je naam wordt in een chip gezet die met het toestel wordt meegestuurd. In het geval van InSight belandt die chip op Mars.

INsight-inscheepdocument

Een aardig ideetje waar we aan meededen.

De lancering werd uitgesteld, maar op 5 mei 2018 was het eindelijk zover: InSight vertrok vanaf Vandenberg Air Force Base (VS) met een Atlas V 401-raket.

Op maandag 26 november 2018 beginnen de pogingen om op Mars te landen.

Er zijn in het verleden heel wat landingen op Mars mislukt. Het is dan ook niet gemakkelijk om iets neer te zetten op een planeet die miljoenen kilometers verder ligt, zodat alles automatisch moet gebeuren.

De afwezigheid van een echte atmosfeer zorgt er ook voor dat de landing volledig anders verloopt dan op Aarde, en hier dus niet kan worden getest. Bovendien is het zelden mogelijk om “eens te proberen”: er is geen tweede kans. Zelfs in 2004 gingen daardoor nog een vlucht verloren.

InSight moet meer gegevens opleveren over het binnenste van de planeet. Mercurius, Venus, Aarde en Mars zijn de enige aardachtige planeten van ons zonnestelsel, en als we iets willen weten over de evolutie van onze planeet zijn dat de beste onderzoeksobjecten. Er zijn aardachtige planeten rond andere sterren gevonden, maar die liggen veel te ver weg om er veel over te weten te komen.

Mars fascineert omdat het niet onmogelijk is dat er in het verleden leven was. Het huidige Mars is kurkdroog, heeft nauwelijks een atmosfeer, en het magnetische veld ziet eruit als de kalende kop van iemand die chemotherapie krijgt. Er is ook geen noemenswaardige maan. Phobos en Deimos hebben meer weg van ingevangen planetoïden.

De afwezigheid van een degelijke maan zou een grotere rol kunnen spelen in de ontwikkeling van Mars dan we denken. Er is al geopperd dat de getijdewerking van de Maan op de Aardse zeeën de kusten overspoelde met de kiemen van het leven, zodat het gemakkelijker aan land kon komen. Het belangrijkse mogelijke effect is dat het Aarde-Maan-stelsel zichzelf stabiliseert, zodat de Aard-rotatie behouden blijft

Op minder dan vier dagen van het perihelium is de omloopsnelheid van Mercurius in zijn baan om de zon hoger dan zijn rotatiesnelheid om de eigen as.

Venus voltooit elke 224,65 dagen een omloop om de zon. De planeet draait in 243 aardse dagen om haar as. Van alle planeten in het zonnestelsel is dit de traagste rotatie. Een siderische dag op Venus is zelfs langer dan een Venusjaar, maar vanwege de beweging van de planeet om de zon duurt een dag op het oppervlak (een synodische dag, de periode tussen twee zonsopkomsten) aanzienlijk korter: 116,75 aardse dagen.[3] Daarmee duurt de synodische dag op Venus korter dan die op Mercurius.

Venus noch Mercurius hebben manen, en de massa van de Martiaanse manen is verwaarloosbaar in verhouding tot de massa van Mars, zodat de invloed van die manen op Mars onbelangrijk is.

De diameter van de Maan bedraagt ongeveer een kwart van die van de Aarde. Er bestaat in het Zonnestelsel geen andere planeet met een naar verhouding zo grote satelliet. De getijdenwerking van de Maan stabiliseert de stand van de aardas.[7] Sommige geleerden denken dat de aardas zonder deze stabiliserende werking van de Maan bloot zou staan aan chaotische veranderingen, die het aardse klimaat veel veranderlijker en extremer zouden maken. Als de aardas zich in het baanvlak van de Aarde bevond, zoals tegenwoordig het geval is bij de planeet Uranus, dan zou complex leven waarschijnlijk onmogelijk zijn vanwege de extreme verschillen tussen de seizoenen.[8]

De Aarde blijft dus iets aparts. Het is ook niet uit te sluiten dat de Maan door getijdewerking het binnenste van de Aarde warm houdt, wat het sterke magnetische veld kan verklaren. Dat veld ontstaat immers door het stromende, ijzerhoudende en dus elektrisch geleidende binnenste van de Aarde, en een elektrische stroom wekt een magnetisch veld op.

Om de precieze invloed van de Maan op het binnenste van de Aarde te kennen, moet er worden vergeleken met een gelijkaardige planeet zonder maan, en een van de weinige kandidaten is Mars.

InSight zal Mars op allerlei manieren doorprikken en afsnuffelen om meer over de kenmerken te ontdekken. Het doet dat door een lander en met twee satellieten in een baan. Die satellieten dienen echter vooral als communicatiesysteem.

Voor wie hoopt ooit met Elon Musk mee te reizen naar Mars om de Rode Planeet te koloniseren, hebben we slecht nieuws: zoals Neil Degrasse Tyson opmerkte is terraformeren van Mars veel moeilijker dan gezond houden en beschermen van de Aarde, waardoor hij ook de ideeën van zijn collega Stephen Hawking over een multiplanetair menselijk ras naar de prullenbak verwijst. Er zijn niet alleen aandeelhouders van Tesla die zich beginnen af te vragen of Musk zijn ideeën krijgt als hij nuchter is, of als hij marihuana rookt.